Biecht

Sta ik in de winkel, kom ik mijn schaduw tegen. Het begint met een mandje vol liefde voor Kees die een pijnlijke voet heeft. Iedereen is er al aan te pas gekomen, maar dat is een ander verhaal, eerst mijn biecht maar eens.

Ik kies de korte rij, één klant, een dame met boter en melk. Als ik het afscheidingslatje achter haar zuivel leg, klapt zij een bevroren kip op mijn hand. Keihard. Geschrokken trek ik mijn hand terug. Klapt ze toch nog iets op mijn hand, een pak bevroren spinazie. Een vlam schiet omhoog. Ik krijg de neiging het latje op haar hand te meppen. Ze komt alweer met het volgende wapen, bevroren bonen. Waar haalt ze dat wapentuig vandaan? Nu pas zie ik dat ze in een rolstoel zit, en niet zo’n kleintje ook, zo’n gemotoriseerd geval dat amper langs de kassa kan. Ze zal hem nodig hebben om iets heel ergs, maar ik voel geen greintje medeleven. Twee tikken waren maar nodig.

In haar achteruitkijkspiegel zie ik een bril met jampotglazen en oren met gehoorapparaten als schotels, daarbij een tandeloos bekkie, een baard en een snor. Onder die lange rokken gaat een kerel schuil, een sadist. IJskoud kijk ik toe hoe Sadie haar invalide lichaam omlaag zwiept met paradoxale lenigheid. Onder haar rokken staat een mandje tussen twee kistjes die haar voeten bevatten. Uit het mandje komen almaar meer bevroren lijken. Eindelijk ben ik aan de beurt.

Mijn bonbons werken op Sadie als de kop van Jut. Met geweld knalt ze haar boodschappenmand er bovenop. Nijdig gris ik de mand van mijn bonbons, het liefst klapte ik hem op haar kale knikker, in plaats daarvan zet ik de mand van de band op de grond.
In Sadies achteruitkijkspiegel verschijnt een venijnige lach. Van haar of van mij?
Tergend langzaam pakt ze haar portemonnee en schraapt de dubbeltjes bij elkaar. IJskoud aanschouw ik haar stakkerigheid.
Eindelijk kunnen mijn heerlijke hapjes de kassa passeren.

Wil ik ze in mijn tas doen, zit Sadie breeduit aan het hoofd van de loopband met haar ijzingwekkende waar en zo’n gratis mini plastic zakje waarvan de opening niet open wil of je moet het open blazen en dat wil natuurlijk niet met zo’n ongelukkig bekje. Denk maar niet dat ik haar help. Nee. Met afschuw zie ik hoe mijn liefdeshapjes zich mengen met haar basisbehoeften.

Het kassameisje verschuift een paal, waardoor mijn lekkers in een onbereikbare uithoek glijdt. Met haar gigantische rolstoel voorzien van alles wat je zelf nooit hoopt nodig te hebben, verspert Sadie alles en iedereen. Buik ingehouden weet ik haar te omzeilen en het naastgelegen looppad te bereiken en laad mijn liefdesmaal in mijn handige fietstas.

Mijn kortstondig leed is geleden. De arme Sadie spurt uit mijn leven met haar invalide lijf voor altijd in een racekar. Als ik de winkel uitloop, hoor ik iets dat me doet omkijken.
‘Stom wijf! Kan je niet uitkijken met je rotkar! Kom er eens uit als je durft!’
Sadie heeft een kinderwagen geramd en moeder slaat terug met haar kar volgeladen met baby en pampers.

14 thoughts on “Biecht

  1. Attila

    Dat was een volledig emanciperende eerlijke reactie , denk nog dat ze er blij mee was. Leuk die situatie en de ergenis beschreven van die rollende dwingeland.

    Reply
  2. dimph

    Anne tijdens het lezen voelde ik n tomeloze ergenis in me opkomen.
    Kwam wel ns zo n type
    ” ik rol elektriek dus opzij allemaal ikke eerst ” bij de kaasboer tegen. Als je niet oppaste werd je geplet tegen de kraam…. Ggrrtt…
    Onlangs is ze in stilte gecremeerd…..

    Het moederinstinct kwam boven. …..haha…..ffff lekker vet haar vet geven.
    Heerlijk jouw verhaal. ….

    Reply
  3. Edgard

    Je hoeft dit echt niet te biechten, ja hulp heft zo iemand nodig, tot ze opgejut worden door mensen die haar mondig willen maken en hen daardoor kwaad maken op de hele wereld.
    En daar was jij dan toevallig het slachtoffer van. Het is erkenbaar.

    Reply
  4. Marcelle Barion

    Als iemand een chronische aandoening heeft of een beperking hoe dan ook, blijft kan dat volgens mij nooit een reden zijn om je zo egocentrisch te gedragen. Je hèbt een ziekte, maar je bènt de ziekte niet. Als je gaat zitten zieken, dan ben je pas écht ziek.
    Kan me je enorme ergernis heel goed voorstellen Anne.

    Maar iets anders, wat een ontzettend vermakelijk verhaal weer. Ik heb nog net niet zitten schaterlachen, gewèldig! Kan ik hem ook via mijn FB pagina delen? Is ook geschikt voor mijn doelgroep.

    Reply
  5. Bartje

    De omgekeerde emancipatie of politieke correctheid, waarom zou je je niet mogen ergeren, omdat zij in een rolstoel zit…als je bloed borrelt en je kaken vlammen, laat de toorn dan nederdalen om het even wie het betreft…iemand in een rolstoel wil gewoon gelijk behandeld worden, en niet betutteld, dat is toch mijn ervaring…kan ook absoluut mis zijn natuurlijk, is ook al voorgevallen 🙂

    Reply
  6. Job

    Wat jij een afscheidingslatje noemt, goed gevonden trouwens, heet officieel een “beurtbalkje”.
    Ik leerde dat woord toen ik werd ingehuurd om een opleiding winkelassistent te verzorgen. Het is het officiële woord dat in de leerboeken staat. Je houdt het misschien niet voor mogelijk, maar er is aan een dergelijk simpel voorwerp literatuur gewijd.
    Ik vond het direct al een prachtig woord, mede door de alliteratie.
    Zie o.a. ook: https://nl.wikipedia.org/wiki/Beurtbalkje en http://anw.inl.nl/article/beurtbalkje
    en vooral: http://nl.bab.la/woordenboek/nederlands-engels/schat-til-je-rok-op-ik-heb-een-beurtbalkje

    Reply
  7. Henriëtte Hendrix

    Kom aan mijn kind en ik kom aan jou! Prachtige reactie van die moeder. Gelukkig ben ik nog niet zo iemand tegengekomen in een winkel. Wel op straat/stoep waar ze dominant de ruimte opeisen. Mooi verhaal weer.

    Reply
  8. Jokezelf

    Erg leuk verhaal, ik lach me suf, zo herkenbaar is dit. Maar het moet me even van het hart dat mensen in rolstoelen net zulke vervelende wezens kunnen zijn als mensen met parapluus, kinderwagens, fietsen, bakfietsen met kinderen erin, hangjongeren, hangouderen, voetballende kereltjes tegen de muur van een huis, brommers op het fietspad, mensen die uit auto’s stappen zonder op te letten waardoor fietsers en/of wandelaars bijna tegen de vlakte gaan, shagrijnige buschauffeurs enzovoort enzoverder. Niets menselijks is elk mens vreemd. Dus jouw ergernis vind ik heel begrijpelijk. Geen biecht waard, maar wel leuk om te lezen.

    Reply
  9. Jannie Harmsen

    Ik vind dat jij je nog netjes gedragen hebt nadat je vingers pimpelpaars geslagen waren door die ijsblokken van de ijskoning(in). De vervelende persoon in de rolstoel verdient geen respect, maar moet nodig een pas op de plaats maken, rolstoel of niet!

    Reply

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *