Wet van Murphy

Het begon met de hoge boom die veel wind ving. De storm velde hem. Een puinhoop. Kippenren en kippenhuis waren kapot. Vijf tuinlieden waren nodig om hem af te voeren; de kluit was ontilbaar en niet te zagen, net als de stam en dan hadden we de takken nog. De drie overgebleven bomen bleken instabiel en moesten door een expert verwijderd worden.
Onze (twee) kippen moesten het doen zonder ren; ze kregen de hele tuin en de schuur die we in rap tempo kipklaar maakten.
het nieuwe kippenhuis
Voor de nieuwe ren klaar was, lag Renske, onze rennende kip, dood in de tuin.
RIP Renske
Rafel, was nu alleen. Geen gekibbel meer om lekkere hapjes, maar toch. De tuinman had piepjonge kuikens en in augustus mogen er twee naar Rafel. Als ze elkaar niet liggen, kunnen ze terug. Ideaal.
Was Rafel vorige week strontziek. Letterlijk. Ze at niet, ze dronk niet, ze lag met starende ogen voor dood in het zand. Aan haar kont hing een klont strontvliegen. Om te beginnen moesten die vliegen weg. Met de plantenspuit richtte ik een straal op kont en klont: Rafel herrees uit de dood en rende voor haar leven, een zwarte wolk achter zich aan.
Tegen de schijterij schotelde ik haar bosbessen voor. Ze at er zeven. Vervolgens zette ik een pot peterselie naast haar ziekbed. De volgende ochtend was de hele plant weg. Vijf dagen at ze bosbessen, peterselie, groene sla, kikkererwten en meloen. Nu is ze kiplekker, rent, vliegt, scharrelt en eet en drinkt alles. Daarbij is haar kippenkontje schoon als sneeuw. Alleen legt ze nog niet/niet meer.
Ik denk dat Murphy ons gehad heeft. Maar nee.
Onverwacht ligt een afgebroken boomtop op het dak van mijn schrijfhuisje. Twee nokpannen kapot en weer een boom die weg moet.
Tijd om bij te komen in ons zand, met rugdekking van de stammetjes van onze gevallen broeders.
Wat eens een diepe schaduwtuin was, is nu droge zandgrond. Ineens zien we wat het worden kan. Een semi-zandtuin met grote keien en planten die tegen droogte en hitte kunnen. Kees is zo’n man die dan meteen naar het tuincentrum gaat. De lavendel, tijm en rozemarijn staan. Bijen en vlinders zijn blij.
Rafel in de zandtuin
Op marktplaats ontdekken we keien van mensen die van hun vijver af willen. Het geluk lacht ons toe. Murphy is opgehoepeld.
Bij vertrek naar de tuin-met-vijver stinkt onze straat naar verschroeid PVC met stinklijm. Ik alarmeer Kees en de overburen, want die zijn iets aan het doen met een nieuwe keuken. Geen mens ruikt iets. De stank zal in in mijn neus zitten, ik ben immers allergisch voor alles waar ik me mee omring: katten, bomen, stof en wie het eerst heeft geroken, heeft zelf….

De keien zijn groot en zwaar. We sjouwen ons het leplazarus en rijden onze vracht traag over binnenwegen die door dorpen met drempels voeren. Een knal of een bom ontploft. Kees is bang dat het de motor is. Ik ben terug in de jaren ’80 toen ik met mijn Renault 4 door Frankrijk zwierf.

Ik wilde Johfra wel eens zien nu ik toch in de buurt was. In de Dordogne. Fleurac. Zijn plek wist ik door zijn eigenaardige schilderijen in nog eigenaardigere bladen. Daar stond het bij. Nou. Ik heb hem gezien. Johfra. Met jurk en baard. Dat kwam door de bom die ontplofte toen ik langs zijn eindeloze tuin reed. Hij zat relaxed in een loungestoel met een dame in dito lange jurk. Hij sprong verschrikt op. Werd hij belaagd? Was er een terrorist avant la lettre? Eentje die niets begreep van zijn baard en zijn jurk en zijn rare schilderijen? Ik zwaaide onder luid geknal naar hem en ging de hoek om. Vijftig meter verderop was een garage. De jongeman wist oorzaak en remedie zonder mijn auto een blik te gunnen. Hij had het van verre al gehoord. De uitlaat. In die tijd was een compleet nieuwe uitlaat onder je Renault in Frankrijk goedkoper dan een tussenstukje in Nederland. Voor 75 gulden was het gefikst.

We zijn terug in de tegenwoordige tijd, ‘we’ zijn Kees en ik. We kijken onder de auto. De uitlaat hangt er keurig bij. De motor start met veel kabaal. We zullen toch naar huis moeten, 29 kilometer te gaan. Een vliegtuig is er niets bij. Met knallende pijp bereiken wij de Muur van Zeddam, berucht bij wielrenners om zijn hellingshoek van 5 graden. Dit vraagt gas.

Voor onze oprit staat een stoet brandweerwagens en auto’s van het gasbedrijf ons op te wachten. De commandant stevent op mij af terwijl Kees toch duidelijk achter het stuur van onze knalkar zit. Met zo’n imponerende gezagsdrager voor je snufferd voel je je wel even heel uh, hoe zal ik het zeggen, zeg maar klein. Hij vraagt niet waarom wij knallen. De brandweerman zegt ook niets over hete vuren waar ons huis deze dag voor gestaan heeft. Rook noch vuur vraagt hij. Hij vraagt hoe laat ik de stank rook. Kijk, dat is een vraag die aan mij besteed is, eindelijk iemand die wil weten waar niemand een neus voor heeft.
‘Dat was toen wij keien gingen halen, om een uur of tien.’

Dit klopt als een zwerende vinger. Er was/is namelijk een gigantisch gaslek en het was onbegrijpelijk dat niemand het rook. Wat verderop zijn nieuwe mensen aan het verbouwen met een zaag die zijn weerga niet kent. Hij is dwars door hout en beton gegaan, dwars door de standleiding achter de gasmeter. Dit heeft Liander nog nooit meegemaakt en de brandweer ook niet.

 Afijn. De stenen liggen in de tuin en met mijn neus is ook niks mis.

20 thoughts on “Wet van Murphy

  1. Joke de Bondt-Rieken

    Wat een avonturen weer. Met vuur opgeschreven! En wat een spierballen moet je inmiddels hebben 😉

    Reply
  2. Kees Versluis

    Prachtig verhaal weer Anne. Bomen bij je huis in Nederland veroorzaken bij ons met veel veen in de ondergrond veel schade aan funderingen en riolering. Goed van de genezen kip. Leuke beesten zijn het.

    Reply
    1. Anne Post author

      Hoi Kees! Klopt van die schade. In Duitsland moesten we wel 30 bomen rond ons huisje laten weghalen omdat je in Duitsland niet verzekerd bent als je bomen rond je huis hebt! Hier staan ze hand-in-hand voor ons huis, twee mooie leilindes die op de monumentenlijst staan. Dit jaar doen ze het bijzonder goed, lekker voor schaduw in huis… Hier hebben we zandgrond met leem her en der erdoor, en kippenmest 🙂 Goed hè, van Rafel. Ze is nog handzamer geworden door het gebeuren en volgt me op de voet, alsof ik gepromoveerd ben tot kip! Erg leuk.

      Reply
  3. Dimph

    Anne wat geweldig om strontkip met natuurlijke middelen weer op gang te krijgen. Nu jullie auto nog. Wat ga je die geven ? 🙂
    Jij bent voor geen kleintje vervaard, spierballen en een speurneus. Ik las je blog met veel plezier.
    Mijn eerste auto was ook een Renault 4. Startte altijd maar roestte onder je kont vandaan . Xxx

    Reply
    1. Anne Post author

      Wat geinig dat jij ook een R4 had! Ik had de laatste die gemaakt werd en die was extra tegen roest bewerkt – hij heeft me jaaaaaren trouw gediend en het deed pijn toen iemand er ’s nachts een deur uit had gereden voor ons huis. R4 verkocht. Gingen we naar Ruigoord, was een andere bezoeker met ‘mijn’ auto daar, de deur vrolijk geschilderd en overal bonte vlekken en stickers – dat deed me heel goed, dat hij geen schroot geworden was.
      Onze huidige auto heeft zowat 300.000 km gereden en heeft nu helaas ouderdomskwaaltjes. Ditmaal blijkt de uitlaat gescheurd te zijn tussen twee katalysatoren, heel moeilijk te repareren, volledig doorgeroest – een nieuwe uitlaat kost meer dan de auto waard is… Overal heeft hij ons gebracht, over gloeiend asfalt en spekgladde ijsweggetjes,l vaak zwaar belast met alles wat wij verhuizen.
      Hij zal het niet lang meer maken als hij gemaakt kan worden…. (word vervolgd Dimph…)

      Reply
  4. Mies Huibers

    Wat een spanning en sensatie allemaal. Ik zit op het puntje van mijn stoel. En dan word ik zo langzamerhand ook nog een kipliefhebber. Lopende welteverstaan.

    Reply
    1. Anne Post author

      Haha, je maakt het nog spannender, Mies!
      Kippen zijn erg gezellig, Mies, fijn dat je ze het liefst levend ziet!.

      Reply
  5. Ank Goudriaan

    Even jeuiig geschreven als altijd.
    Je verveelt je niet … met al die gebeurtenissen.
    Je eigen neus vertrouwen… klopt altijd!
    Be happy en gezond.

    Reply
  6. Marjolein

    Jeetje Anne, Murphy wist niet van wijken bij jullie!
    Maar gelukkig is de kip weer lekker en hebben jullie keien. En je neus bleek goed te werken.
    Al met al toch goed gekomen dus. Het wordt vast een mooie tuin!

    Reply
    1. Anne Post author

      Dat kun je zeggen Marjolein, Murphy had verschrikkelijk veel schik bij ons, maar lijkt nu uitgespeeld en nu kunnen wij aan de gang 🙂 Leuk dat je reageert. X

      Reply
  7. Hanny Andernach van den Bergh

    Het leplazarus. . Prachtig woord. Zou het een samentrekking zijn van lepra en lazarus ( die man uit de Bijbel) dat moet wel. Mooi. Geeft precies aan hoe zwaar het was. 👍🏼

    Reply
  8. athy van meerkerk

    Murphy kunnen jullie niet ontwijken maar met zo’n neus Anne, moet je echt gaan adverteren.
    “Vermoedt u een luchtje, bel De Neus en voorkom schade aan uw eigendommen.
    En wat je kip betreft, was dat instinct of wist je?
    Rebekka eet een hele pot verse peterselie fijn geknipt op brood wanneer ze een blaasontsteking voelt aankomen. Helpt gegarandeerd.
    Ik heb genoten van je verhaal, zat er helemaal in.

    Reply
    1. Anne Post author

      Ha Athy, fijn dat je in mijn verhaal zat! mijn neus is vooral gevoelig voor ‘stank’ en stof ~ met parfum heb ik bijvoorbeeld weinig – wat de kip betreft was het een samenspel van kip en mij – ik wist het niet, probeerde gewoon wat mij goed leek en zette haar dat voor – ze koos zelf wat ze ervan wilde eten… groet!

      Reply
  9. Anne Post author

    Toevallig heb ik een vriendin die thuis ia bij de Maya’s ~ en raad eens wat… een Witte Tovenaar is de uitkomst 🙂 ~ ik begrijp nu waar mijn antwoord vandaan kwam op de lagere school, toen de meester vroeg wat ik worden wilde…. we hadden al zuster, piloot en brandweerman gehad en toen kwam ik met… tovenaar 🙂

    Reply

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *