Auteur & kunstenaar

Wolf in schaapskleren

Onze auto is een Subaru, een wolf in schaapskleren. Dat merk je op de autobaan in Duitsland, hier mag het niet, even het gaspedaal indrukken en je gaat 200 of het 80 is, zo geruisloos, zo licht, zo makkelijk. Vindt man. De bomen komen zo snel langs, dat vrouw draaierig wordt. Onze wolf in schaapskleren klimt de steilste helling op of het vlak is, zomers en ‘s winters, ook als er een laag sneeuw ligt, ook als er zout gestrooid is en de weg spekglad, zodat de postbode niet bovenkomt en alle oude mensen vastgevroren zitten aan hun honk. Dan gaat onze Wolf ijsbaan op en ijsbaan af, dankzij het feit dat elk wiel zelfstandig reageert. Als ik enigszins begrepen heb wat een ‘Allrad’ is, of in het Engels ‘four wheel drive’. Daarbij hebben we winterbanden. In de winter. Dit is belangrijk. De combinatie winterbanden en winter.
Eerst wat nadere, flagrante details over onze wolf in schaapskleren. Het is niet zo, dat hij eruit ziet als een schaap, hij heeft bijvoorbeeld geen wollen buitenkant, maar dat het een raceauto is, zie je er ook niet gelijk aan af. Hij is blauw, wel bedekt met een laag stof of hij zo uit het bos komt.
Wolf is ook een wolf waar het marters betreft. Ons vakantiedomein ligt in het territorium van een marter. Dat wisten wij aanvankelijk niet. We hadden toen ook nog een andere auto, eentje die eruit zag als schaap en het ook was. Kwam amper de berg op, die eerste zomer en op een dag deed hij het helemaal niet meer. De plaatselijke garageman wist oorzaak en remedie. Oorzaak was de marter die ‘s nachts op onze auto slaapt, wat te zien is aan zijn voetsporen, net kattenpootjes, maar dan anders. Op een nacht moet onze marter de geur van een vijandige marter op onze auto geroken hebben. Volgens de garageman, annex vijandkenner, annex marterexpert. Van nijd had hij, onze marter dus, de autokabels doorgebeten. De remedie wist garageman ook. Kabels in het vet voor 40 euro, geen geld voor kabelbeveiliging. Marters vinden vet vies en vet in de pels is verschrikkelijk, en voor je dat met je inpandige waslapje eruit hebt, nou, dat doet geen marter, vriend of vijand. Hierin zit een voorbeeld voor pacifisten, zoals de meeste oplossingen uit het dierenrijk komen. Van dieren kun je op aan. Wij hebben nooit meer last van doorgebeten kabels.
Dit voorval heb gebruikt in Sophie, mijn eerste boek, in mijn derde komt mijn waarneming van de koekoek niet voor, geen buitenbaarmoederlijke bevruchtingen en implantaten – niets van dat concrete, het raadselachtige, onbeantwoorde is de inspiratie, die overigens wel leidt naar…
Terug naar onze wolf in schaapskleren.
Op de heenweg naar het Fichtelgebirge hoorden wij geluid. Dit geluid werd harder, een rammelend, klepperend, ratelend geluid of er mis is met de auto. Uitstappen, kijken onder de motorkap, onder de auto, voor, achter, niets te zien. We hebben onze bestemming bereikt. Opnieuw daar naar de garage. De man met de overall en zwarte handen kent ons al en rukte het stuur uit handen om zelf een stukje te rijden om het mankement te horen. Voor hetzelfde weten die verdammde Holländer nicht hoe je met een Wolf moet omgaan.
Hij kwam terug met de glimlach van de dokter die oorzaak en remedie weet. En ja: de wielen zaten los. Dat is even schrikken. Zijn advies: Als je winterbanden vervangt voor zomerbanden moet je ALTIJD na 100 kilometer nakijken of de schroeven nog ‘immer’ goed vast zitten. Dat wisten wij niet en was ons niet verteld door onze Hollandse garageman.
Op de terugweg bedacht man met een snelheid van 33 km per minuut wat hij zijn garageman zou zeggen. Spitsvondig, scherp, secuur. Ik voegde er het mijne aan toe.
‘Dan moet je ook zeggen dat hij aangebrand ruikt.’
‘Aangebrand?’
‘Ja, aangebrand, een schroeilucht, of er iets staat aan te bakken.’
Man naar de garage, met klacht, waarschuwing, grief, of hoe je zijn verbolgenheid ook betitelen wilt. Garageman kijkt schaapachtig en zoekt iets om handen om de aandacht af te leiden van de beschuldiging. Hij laat de wielen links liggen en doet de motorklep omhoog. Dat heeft altijd wel iets indrukwekkends, iets van ‘ik ken dat ding van binnen en van buiten’.
Man en garageman kijken naar het motorblok. Ligt daar iets wat er niet hoort. Een of ander zwart geblakerd, verkoold ding. Beide mannen kijken naar de verkoolde resten van een Duits broodje.
‘U zegt dat ik wat vergeten heb, moet u kijken wat u vergeten bent!’
Man ziet het licht.
‘O, dat rook mijn vrouw, een verbrand broodje. Dat heb ik daar niet neergelegd, dat heeft de marter gedaan.’
Garageman schudt zijn hoofd. Losse wielen en een marter, maak dat de kat wijs.

Deel dit bericht:

Eva Terra Incognita

Eva Terra Incognita
Te bestellen bij de boekhandel

Sophie - Genius Loci

Sophie - Genius Loci
Te bestellen bij de boekhandel

5 reacties

  1. Ton, jij bent ook dichter en hebt weinig worden nodig om veelzeggend te zijn.

    (Tip: druk op ton de gruijter en je kunt zijn prachtige gedichten lezen)

  2. Gelukkig was het een brotschen en geen geroosterde Marter!
    Wat een verhaal, jullie auto lijkt me super, mijn bijnaam tijdens de 10 rijlessen was minkie Lauda! huis heb ik twee dwerg wolven in schaapskleren, leeuwen van Malta!
    Ze vangen muizen ratten en misschien ook Marters? zonder ze dood te maken hoor, ze brullen als wolven en waarschuwen the packleader, mij dus.

  3. Ik had net een heel verhaal geschreven, ging het mis met de CAPTCHA code. Ja, en toen was ik alles kwijt. Gisteren deed ik ook al een poging op mijn iPad en daar maakte de spellingcontrole allemaal Duits van wat ik intypte. Ik had niets veranderd en kon ook niet vinden hoe ik het weer Nederlands moest krijgen. “Inpandig waslapje”. Grandioos.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *