Winkeldochters

vrouwen uit één lijn Anne Vellinga

De bel gaat op een moment dat hij nooit gaat. Je kent je bel; ‘s ochtends de postbode met pakjes, ‘s middags met de thee en ook ‘s avonds heeft hij zijn vaste tijden, een wonderlijk verschijnsel dat opvalt als iemand het bioritme van je bel verstoort. Voor de deur staat een onbekende jongen.
,,Ik heb een cadeautje voor uw man omdat hij me geholpen heeft met de fiets.”
Kees worstelt net door een stapel portfolio’s van zijn studenten. Blij met de afleiding komt hij naar beneden en zakt op de bank. De jongen ploft op de andere bank, doet zijn rugzak af, opent hem en haalt er twee pakjes uit, een blauw geblokte en een glinsterende groene. Het moment dat hij de pakjes in de hand heeft, herinnert hij zich wat erin zit. Thuis leek het nog heel aardig, oog in oog met de aanstaande ontvanger heeft hij zijn twijfels. Hij kan ze moeilijk terugstoppen in de rugzak, zo van, ik had een cadeautje bedacht, maar het is niks, dus ik ga weer. Dat doe je niet. Wat doe je wel? Hij is een slimme jongen, 4 VWO, hij gaat te rade bij het plafond.

,,Dit hadden wij thuis nog liggen.” Dat klinkt niet fris.
,,Niet dat het oud is, hoor.” Liegen kan ook niet.
,,Dat weet ik eerlijk gezegd niet. Het lag bij ons op de badkamer, ik weet niet hoe lang. Het is iets voor eh…”
Ja, waar is het eigenlijk voor. Wie kijkt in de badkamer helder uit zijn ogen. ‘s Ochtends plakken je ogen van de slaap en ‘s avonds vallen ze dicht.
,,Mijn nichtje werkt in de bodyshop en daar krijgen wij dat van.”
Hij kijkt naar de man voor wie het bedoeld is. Die ziet er gekleed heel anders uit dan die ongeschoren kerel die zwetend tien vuilniszakken buiten zette in zijn ochtendjas.
,,Het is iets voor de wellness.”
Je ziet hem zoeken naar een passend cadeau voor die ongeschoren zweetvent die wel wat wellness gebruiken kan. Dan moet je bij hem thuis wezen, de planken en kastjes puilen ervan uit dankzij de nicht.

Kees vreest het ergste.
,,Geef maar aan mijn vrouw, die is dol op alles van de bodyshop, maakt niet uit wat het is, als het maar uit de bodyshop komt.”
Van schrik zegt hij rare dingen en ik nog erger.
,,Ik ben gek op gekleurd papier, vooral als het gescheurd is.”
De jongen grinnikt, Kees grinnikt, ik scheur de pakjes open.
Uit het blauwe papier komt een tube scheerzeep, uit het groene komt Bodybutter. Beboter je daar jezelf mee of je partner?
,,Joh! Wat een verrassing. Daar gaan we mee aan de slag.”
,,Gelukkig. Wij wisten niet wat we ermee moesten, dus volgens mij is het nog niet gebruikt.”

16 thoughts on “Winkeldochters

  1. Dimph

    Haha….wat ‘ n eerlijkheid ook al zit je 4Vwo , je bent ‘n puber. Zo geestig en tussen de regels door geschreven Anne.
    Wat attent van die knul ….super. ik was ‘n beetje uit m’n hummetje door allemaal klagende hondenuitlaters dat heb jij omgetoverd in ‘ n brede lach.
    Eeeee…..zitten schuim en smeerboter al in de afvalzak ?

    Reply
  2. Jannie Harmsen

    Toch een heel lief gebaar van een jongen uit 4 VWO. Er zullen er genoeg zijn die zich voor zoiets zouden generen. Ik vind het puur! Een mooi dank je wel voor de geboden hulp.

    Reply
    1. Anne Post author

      dank je Annette, en uit (zo goed als) één stromende lijn waar almaar meer vrouwen aan ontsproten, leuk en spannend om te doen!

      Reply
  3. Kees Versluis

    Oh Anne,

    Wat schrijf je toch altijd heerlijk.
    Hoe kom je er op.
    Dat klinkt niet fris.
    En liegen kan ook niet.
    Ik zie de jongen gewoon zitten.
    Ik was ook zo eerlijk.
    Nog eigenlijk.

    Reply

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *