Mannetjes

mannetjes
dakdekken

De vorst heeft de nodige sporen aan ons dak achtergelaten. Kees verwacht een regiment aan mannetjes om dat op te lossen. Ik weet van niets, hoef me geen zorgen te maken, kan verder schrijven aan het slot van mijn boek. Aldus Kees. Hij redt het met de mannetjes. Voor de gelegenheid gaan zijn besprekingen vandaag per telefoon en internet. Dat heeft hij expres zo geregeld. Zo is hij. Ik kan stilzitten achter de laptop.

Daar melden de eerste twee mannetjes zich al, twee dakdekkers. Vanuit mijn werkkamer zie ik de mannen bezig. Het dak zit dicht, maar omdat het dakdekkers zijn, gaat het open, anders valt er geen dak te dekken.
Kees staat erbij te kijken. Hij niest. Hoge bomen vangen veel wind.
Vliegt zijn kroon eruit. Moet hij naar de tandarts. Voor de vierde keer in acht dagen. Die kroon blijft vliegen. Aan Kees kan het niet liggen. Hij doet niets. Zie foto.

Kees is nog niet weg of het volgende mannetje dient zich aan. Geen idee wat hij komt doen. Gelukkig weet mannetje het zelf. Hij moet het dak op.
,,Daar staan al twee mannetjes.” Zoveel weet ik wel.
,,Niet dat platte dakkie, het grote dak.”
,,Moet dat ook open?” Ik zie de bui al hangen.
,,Ik ben geen dakdekker, ik ben van installatieburau Van der Kluft, specialisten op het gebied van verwarming, CV, zonnepanelen en warmwatervoorziening en op uw dak is een nippeltje dat opengedraaid moet worden ter ontluchting van een van onze warmwaterpompen die jullie via de onlangs geïnstallerde zonnepanelen van warm water zou behoren te voorzien.”
Een zin waar je de aandacht bij moet houden om te begrijpen wat hij komt doen, helemaal als je zelf bezig bent met een kordate slotzin voor een roman met een ontknoping die onthuld wordt door deze kordate zin.
Nippelman weet de weg, ik kan verder met de alles onthullende slotzin.  Met al die mannen op m’n dak valt dat niet mee. Mijn aandacht gaat steeds naar hen. Ik ga poolshoogte nemen.

nippelman op het dak

Nippelman klimt net het hoogste dakraam uit, klaar voor het nippeltje. Ik wil hem niet afleiden, dan stort hij omlaag, maar hij heeft mij al gezien. Hij zwaait! Geen idee hoe hij aan dat dak blijft plakken, twaalf meter hoog. Staat hij op een dakpan? Hangt hij aan een veiligheidskabel?
Ik krijg niet de gelegenheid me hierin te verdiepen. Vanuit de keuken wordt geroepen om koffie. De dakdekkers zijn klaar. Snel koffie gezet, geschonken en van koek voorzien, komt Nippel het huis in om de pomp te controleren. Die staat in een hok op de eerste verdieping volgens hem. Nu is er toevallig gisteren op tv gewaarschuwd geen vreemde mannen in huis te laten, maar met de dakdekkers erbij kan het vast geen kwaad. Trouwens, Nippelman is al boven en de telefoon gaat ook nog. Inholland voor Kees. Die is uitgeschakeld vanwege de kroon.
De dakdekkers lusten nog wel een bakkie, en een koekje ook.
Volgende telefoon. Het Waterschap. Kees is er niet. Hij zou er zijn. Ja. Maar. De kroon is eraf. Dat was vorige week ook al. Dat klopt, maar daar kan hij niks aan doen. En ik ook niet.
De dakdekkers taaien af. Nippelman taait af. Ik taai terug naar mijn laptop, aan het eind van mijn Latijn, en dat voor de slotzin van een boek met Latijnse ondertitel: Terra Incognita.
Daar zul je Kees hebben. Met kroon. Brede smile.
,,Zo, die kroon zit er weer op, dat had ik even vlot geregeld, maar waar zijn mijn mannetjes? Zijn ze weg? Heb jij wel gecontroleerd of de loodslabben goed zitten, of de lijm plakt, de ontluchting werkt, de pomp aanslaat en het rode lampje niet meer knippert?”
Ik  zeg maar ja, bij opwinding vliegt die kroon eruit.

 

Nog een verhaal over mannetjes vind je bijvoorbeeld hier: https://annevellinga.nl/2012/03/14/schimmelschuurkuur/

One thought on “Mannetjes

  1. imsook yoo

    Nog duidelijker voor Jip en Janneke kunnen we het niet maken, Anne.
    Mooi dat je dak gedekt is. Nu geen lekkage meer…hoop ik.
    De reis naar dat onbekend land blijft spannend.
    Wat men ook beweert, zal er niets veranderen dan zoals het nu is.
    ook niet iets van wat doorslaggevend. ook niet zelfs een aanwijzing van
    “wat je aan het doen bent”. Dat.. niet om te overleven maar om de dans zelf.
    Je danst immers altijd alleen voor jezelf. Zelfs als je in een groep danst, dans je voor jezelf.
    Enige verschil zou kunnen zijn, een houding van “tot groeps dienst”.

    Reply

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *