Oogst

Een appelboom heeft makkelijk praten. Die zit elk jaar opnieuw vol appels, elke appel zit vol pitten, in zijn hele leven is er altijd wel één pitje dat alle spreeuwen, stormen, winden, regen, hagel, hittegolf en houthakkers overleeft. Dat pitje wordt een appelboom. De rest niet. Bij een vogel is het al lastiger. Ze leven korter en leggen minder eieren dan een boom appels. En vanochtend is me dat allemaal in een klap duidelijk geworden, omdat we de nestkastjes schoonmaakten voor de winter, dan kunnen de vogels er in schuilen.
Vinden we toch een compleet nestje met de eitjes er nog in… Geen jong is eruit gekomen. Wij hebben nu wel een heel mooi herfsttafereel.

vogelnestje, achtergelaten in nestkast
vogelnestje, achtergelaten in nestkast

Ik vraag me af hoe dat zit bij mij en mijn vriendin, of wij oogsten wat we ons hele leven al aan het zaaien zijn. Ik moet namelijk iets leuks verzinnen voor onze vriendinnendag. Als we eens een collage gingen maken van onze oogst. Ik leg de tijdschriften, scharen, lijm, verf en kwasten alvast klaar.

Klokslag 10 staat ze voor mijn deur in Ibiza outfit, waar ze net vandaan komt: fel oranje op een groene flapperbroek. Ze volgt me zwierig naar mijn atelier, waar we beginnen met koffie, koek en klets.

‘Ik ben nog te moe om een hand op te tillen.’
‘Wat is er gebeurd? Waar ben je zo moe van?’
Mijn vriendin gaat ervoor zitten.
‘Toen we terug waren van vakantie vond ik een mailtje van een zorgboerderij, die man was hier geweest op mijn expositie, en toen had ik verteld dat ik ook lesgeef en tekentherapie. Nou vroeg hij of ik een ochtend wou komen om iets creatiefs te doen met de mensen. Ik ging gelijk de volgende dag heen en kon meteen proefdraaien. Ze hebben daar zo’n ruimte waar allerlei materiaal staat en daar zaten een paar mannen met wie ik wat kon gaan doen. Nou, die leider ging naar zolder, want ze hadden managementvergadering. Dus daar stond ik in mijn eentje met een paar mannen waar iets mee was, maar ik wist niet wat. Ik begon met een blinde man. Hij wou een poes beeldhouwen, maar wat hij ook hakte, het werd almaar geen poes. Toen vroeg ik of hij de poes in de lucht kon vormen. Dat lukte en toen wist ik wat voor vorm hij in gedachten had. Ik legde een steen die erop leek zo voor hem neer, dat die vorm haalbaar was.’
Zo is mijn vriendin, ze haalt bij iedereen het haalbare eruit.
‘Ik gaf hem een plat vijltje zodat hij al werkend langs de steen ging en de vorm kon voelen. Toen voelde hij wat hij deed en was helemaal gelukkig.’

Ik zie het aan mijn vriendin, ze glanst bij de herinnering.
‘Maar waar ben je dan zo moe van?’
Ze zakt in elkaar bij de gedachte alleen al.
‘In de hoek zat een man alleen. Ik naar hem toe. Toen ik bij hem kwam zitten, keek hij verheugd en wreef over mijn arm dat die zo bruin was. Hij was zelf zo wit als een doek, dus zei ik dat hij mooi wit was. Ik had geen idee hoe hij op mijn opmerking zou reageren. Tot mijn verbazing deed hij zijn trui omhoog om zijn witte buik te showen.’
Ik zie ze zitten. Zij in haar kleurenpracht en hij met een onzichtbare handicap, maar zeer zichtbare, spierwitte buik, misschien wel met haar, veel haar.
‘Toen zei die man dat hij nog veel witter had. Hij begon spastisch heen en weer te zwaaien met zijn armen, kwam schokkend overeind en toen hij op zijn kromme benen stond, de trui nog half omhoog, ritste hij ineens zijn broek open! Die zakte omlaag en toen trok hij zijn onderbroek ook nog omlaag!’
Ze kijkt me zo verschrikt aan, dat ik het niet waag de slappe lach te krijgen.

‘Stond ik daar ineens met een naakte vent tegenover me. Wie verwacht dat nou. Ik schrok ervan en wist niet wat ik ermee aan moest, dus zei ik dat hij zich aan moest kleden, maar dat deed hij niet. Nergens was iemand om de situatie over te nemen. De boer was op het land en boven was een managementvergadering.’
Ze valt stil.
‘En toen?’

‘Ik kreeg die man wel in zijn broek gepraat, maar het zit me niet lekker. Moet je nagaan, heb ik vijf zussen overleefd, drie kinderen, ik weet niet hoeveel feesten en exposities, tekenlessen en therapie en sta ik daar tegenover een arme naakte kerel en dan reageer ik als een spastisch konijn en sta met lege handen.’

10 thoughts on “Oogst

  1. willem lommert

    prachtig …met veel plezier gelezen…en er komt op…wat is een leven ´waard´als je op alles voorbereid bent…het overkomen is de spanning naar morgen ,)

    Reply
  2. Joke W-D

    Onmacht! Daar wordt je zooo moe van.
    Gelukkig is je vriendin wel bij machte een hele boel andere dingen te doen.
    Dus doorgaan maar weer met ademhalen.

    Groetjes Joke W-D.

    Reply
  3. athy van meerkerk

    Staat ze met lege handen. Dat kan ik mij zo goed voorstellen. Juist omdat zij niet weet wat er met die man aan de hand is. Wat een leiding in die instelling of beter gezegd gebrek aan leiding.

    Reply

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *